Met opgerolde mouwen aan de slag! – Stap 4 Plannen

3 april 2017

Inmiddels is mijn verkiezingscampagne afgelopen. Maar wat was het hard werken, veelzijdig en leuk! In deze blog beschrijf ik de campagneplannen die ik heb voorbereid volgens stap 4 in het boek 101%IK: Plannen. De modellen die daarbij zijn gebruikt zijn OGSM en het middelenwiel. Met OGSM (een methodiek met de afkorting van Objective, Goals, Strategies en Measures) werk ik al jaren. Het middelenwiel heb ik een paar jaar geleden zelf ontwikkeld, omdat ik merkte dat het voor veel bedrijven moeilijk is om te begrijpen hoe je kan kiezen tussen alle mogelijke communicatiemiddelen.

Hoeveel OGSMs ik in de afgelopen twintig jaar werken al heb gemaakt en helpen maken, weet ik niet. Misschien wel duizend. Kortom, met dit model werken is voor mij gesneden koek. Maar ik weet dat dat voor de meeste mensen die het model voor de eerste keer zien, niet geldt. In ons boek 101%IK besteden we twaalf pagina’s aan OGSM. Maar heel eerlijk leer je er vooral mee werken als je het model een paar keer gebruikt, bijvoorbeeld samen met een expert.

Mijn campagne-OGSM heb ik opgebouwd door zowel in mijn eentje te mijmeren als samen te sparren met een aantal mensen in mijn omgeving. Bij het brainstormen over de Objective (de ambitie in woorden) bedacht ik dat een campagne niet zozeer alleen gericht moet zijn op de verkiezingsuitslag, maar dat ik die eigenlijk wil zien als een beginpunt naar de periode daarna. Ik voer immers geen campagne om verkiezingen te winnen, maar om als volksvertegenwoordiger succesvol te kunnen zijn. Vandaar dat mijn Objective gaat over een ‘stevige kick-start’. Een goede objective is opgeschreven als ‘Doel door doen’: het ‘doel’ ligt buiten mijn invloedscirkel, het ‘doen’ ligt volledig binnen mijn invloed. Mijn ‘stevige kick-start’ is afhankelijk van kiezers, van de VVD in zijn geheel en ligt dus buiten mijn invloed. Het ‘doen’ in de objective gaat ervan uit dat als ik dat ‘doen’ goed doe, dat dan die ‘kick-start’ als vanzelf het gevolg is. Het ‘doen’ gaat in mijn geval over de inhoudelijke VVD-ambities, over mijn persoonlijke betrokkenheid en over plezier! Ik ben benieuwd of je mijn eigenschappen (stap 2) daarin herkent.

In de Goals wordt de Objective (zowel het ‘doel’ als het ‘doen’) gekwantificeerd. De kick-start heb ik gekwantificeerd in zetelaantal en voorkeursstemmen. Maar ook inhoud, betrokkenheid en plezier hebben een meetgetal gekregen. En nu, drie weken na de verkiezingen kan ik terugkijken en constateren dat ik niet alle Goals heb behaald. Daarmee heb ik vooral het ‘doel’ uit de Objective niet volledig behaald. Het ‘doen’ overigens wel. Dat betekent dat mijn aanname niet volledig klopte. En daar kan ik lering uit trekken voor de OGSM van mijn volgende campagne: kennelijk is er meer nodig óf stond de teller te hoog…

 

Veel kiezers weten dat niet, maar een persoonlijke campagne gaat voor eigen tijd en eigen rekening. Met andere woorden, mijn plan moet zo slim en efficiënt mogelijk bijdragen leiden tot het behalen van de objective. Om die slimme keuzes te maken, zijn er in OGSM de strategieën.

In de strategieën heb ik een vijftal thema’s benoemd waarvan ik denk dat ze nodig zijn om de objective te behalen. Uiteraard hoe ik invulling geef aan mijn verbinding met de VVD, uiteraard eentje over inhoud (gezien mijn merk-identiteit leider met een vleug expert), eentje over mijn netwerk, de ambassadeurs en over communicatie. Social media heb ik als apart thema benoemd. Het is een zo onmisbaar onderdeel van de huidige campagnes (en ik heb er nog zoveel over te leren), dat ik het extra aandacht wilde geven met een strategie. De vijf strategieën geven richting aan die thema’s. Vervolgens zijn per strategie maximaal 3 acties benoemd.

 

Communicatie vormgeven

Het middelenwiel is de uitwerking van de strategie ‘communicatiemiddelen’ en onderdeel van de stap plannen. De kwadranten in dit wiel behoren bij twee assen: over hoeveel investering het communicatiemiddel kost (intensief is veel, efficiënt is weinig) en anderzijds wie de inhoud bepaalt (de afzender (ik) of de doelgroep (de kiezer). Omdat zowel inhoud als persoonlijke betrokkenheid in de kern van mijn campagne staan, wil ik alle vier kwadranten in het middelenwiel vullen. Liefst met de nadruk op de intensieve helft van het wiel. Maar zoals gezegd, ook mijn tijd is beperkt en voor veel kiezers ook. Efficiënt communiceren is dus onderdeel van het geheel. En ik ben nieuwsgierig naar de onderwerpen die de kiezers bezighouden, maar natuurlijk wil ik mij vooral op mijn inhoudelijke speerpunten laten zien. Dus ook die beide kanten zijn nodig. Dus, alle vier kwadranten vullen: zowel informatie als interactie als conversatie als ervaring. En zo ontstaat een overzichtje van de communicatiemiddelen die ik in mijn campagne in wilde zetten en ook gezet heb:

In het midden van het middelenwiel staat de merkidentiteit. Het is goed om die altijd voor ogen te houden, want die moet de bron zijn van alle keuzes én plannen. Om de merkidentiteit staan vijf begrippen. De invulling van die begrippen vormt de huisstijl van mijn persoonlijke merk. Ik heb nog niet alle elementen vormgegeven; die moeten rijpen.

Mijn schrijfstijl en manier van praten, ofwel mijn tone of voice, is redelijk consistent positief en actief. En meestal zit ergens ook de ‘knipoog’.  Mijn kleding kies ik ook bewust: formeel maar niet té, jurken en rokjes en altijd opvallend gekleurde jasjes of vestjes. Nooit rood: ik ben immers geen socialist of sociaal-democraat.

Ook nooit rood in mijn communicatie-uitingen. Wel donkerblauw en paars voor de zakelijke, professionele uitstraling, aangevuld met oranje of pink voor de benodigde ‘knipoog’.  Ik heb nog geen onderscheidende beeldtaal. In elk geval probeer ik foto’s te gebruiken waar de ‘actie’ in zit die je van een politica verwacht. Dus geen sprinttenue of skateboard, maar wel debat, gesprek of momenten over zorg of ondernemerschap, passend bij mijn inhoudelijke onderwerpen.

Er zijn weinig persoonlijke merken met een logo. ‘Linda.’ heeft er één, maar die heeft dan ook een tijdschrift. Vooralsnog denk ik dat ik zonder kan. Mijn persoonlijke merk begint al redelijk vorm te krijgen en de eerste successen en leerpunten zijn er. Tijd om de interactie met anderen aan te gaan. Tijd voor stap 5.

 

 

Reactie merkbegeleider Roel

Gaaf hoor dat je zo veel voorkeursstemmen hebt gekregen: 1928. Misschien minder dan je Goal, maar hé, nog steeds veel.  

De OGSM geeft richting in je keuzes. Ik ben benieuwd naar de OGSM voor je komende vier jaar, als je de Tweede Kamer in gaat.

In het middelenwiel ben je vergeten dat heel veel mensen die met jou gewerkt hebben, al weten wat jij kan en een positieve ervaring hebben. Daar maak je soms al gebruik van. Je stuurde een persoonlijke ansichtkaartje naar mijn ouders: ook dat werkte goed.

Qua kledingkleur doet paars het voor jou goed. Beter dan roze. Bij rood moet je inderdaad om meerdere redenen wegblijven. Je kleedt je vaak al vrouwelijk en dat is goed. Gebruik die kracht met een beetje make-up, de haren los, sieraden en schoenen met een hak. En blijf ook weg bij saaie kleding die iemand met volledige merk-identiteit expert zou kiezen: donkere jasjes en rokjes.

Jouw tone of voice is altijd niet alleen actief en betrokken maar ook stevig en duidelijk. Het kan helpen om iets aaibaars (een allergiewoord voor jou waarschijnlijk) toe te voegen aan je garderobe van de dag zodat je meer benaderbaar wordt beschouwd. Leiders kiezen vaak voor veel contrast. Jij kan daar beter een zachtere heldere kleur aan toevoegen, maar vooral niet te weeïg.  Succes met de volgende stap.