Onderstaand de acht stappen om tot  het persoonlijke merk van Judith Tielen te komen. Stap voor stap laat Judith hier zien hoe ze haar merk definieert en uitbouwt.

Inleiding – 101% Judith Tielen

17 februari 2017

‘Mijn naam is Judith Tielen. Ik ben politica in wording. Ik ben opgeleid in de geneeskunde, ben daarna marketeer en ondernemer geworden. Ik woon in Utrecht met mijn drie kinderen en mijn man.‘ Zo begon vaak een introductierondje met stadsgenoten, zorgmedewerkers of werknemers van een opdrachtgever. Het enige verschil is de volgorde van de functies. Tijdens een (VVD-)training leerde ik om iets ‘pakkends’ toe te voegen, zodat mensen jou beter onthouden dan al die anderen die zich ook voorstellen.

Ik bedacht me, als marketeer, dat ‘zomaar iets pakkends’ noemen eigenlijk niet voldoende is. Het lijkt me beter om iets te noemen dat past bij wie ik wil zijn in de ogen van die andere mensen. Dus liever niet ‘ik houd van truien breien’ (al is dat wel zo), maar liever ‘op twitter kun je me volgen onder de naam ‘meerdoemama’.

Deze campagneweken wordt steeds vaker aan me gevraagd me voor te stellen aan grote groepen nog onbekende mensen. Bij debatten en verkiezingsbijeenkomsten. Nu is het dus wel tijd dat die persoonlijke introductie echt past bij wat ik wil neerzetten. Met andere woorden, het is inmiddels wel tijd om ook voor mij mijn persoonlijke merk vorm te geven en sterk te maken. Om een persoonlijk merkplan op papier te zetten. En hoe kan dat beter dan met het door mijn goede vriend Roel Wolbrink en mijzelf geschreven boek: 101% IKTM?

De komende paar weken schrijf ik blogs om elk van de acht stappen voor mijn persoonlijke merk te delen. Deze eerste blog is gebaseerd op de inleiding van het boek. Dat gaat over merken en over merk-denken. En wat sterke merken sterke merken maakt.

Mijn eigen favoriete sterke merken zijn Saab, Nijntje en Grolsch. Merken die stevig zijn, nuchter en evenwichtig. Maar ook iets speciaals in zich hebben, niet al te gemiddeld zijn. Ook merken als Anouk en Linda. hebben dat wat en dat spreekt me aan. Misschien omdat ik zou willen dat anderen dat ook over mij zeggen.

Een van de eerste oefeningen in het boek is het vullen van een associatieweb. Het was alweer een tijd geleden dat ik die voor mijzelf gemaakt heb. Hoog tijd dus om dat weer te doen. En leuk! Een associatieweb maken is waarschijnlijk de makkelijkste stap in het hele komende proces van 8 stappen. Je hoeft namelijk nog niet echt te kiezen: er past heel veel in.

Je probeert je voor te stellen dat collega’s, vrienden en die ene gedroomde opdrachtgever positief over jou zitten te vertellen aan elkaar. Welke woorden gebruiken ze dan? Die woorden schrijf je op in het associatieweb.

Zoals op de foto dus: 

Het is goed om dit proces niet alleen te doen, maar om een merkbegeleider te gebruiken. Zo schrijven we dat ook in het boek. Dus elke stap leg ik ook voor een compact commentaar voor aan mijn persoonlijke merkbegeleider. Roel natuurlijk:

“Judith, stoer om ook je eigen merk volgens onze methode met iedereen te delen. ‘Practice what you preach’. En dat doe je eigenlijk al zo lang ik je ken. Je bent wat mij betreft al lang politica. Niet een-in-wording. Alle vertrouwen, op basis van mijn ervaring met jouw resultaten voor Utrecht en wat je ook landelijk voor de VVD goed doet. Altijd stevig en speels. Op de bal en zelden op de man, alhoewel je door jouw duidelijke doelen de hoogste eisen stelt aan jezelf en je omgeving. En dus aan mij in het inspirerende schrijfproces van ons boek. Je leeft echt met de overtuiging dat iedereen meer uit zichzelf kan halen. Geen excuus. Dat is iedereen verplicht aan zichzelf maar ook aan de maatschappij. Als ik voor jou het web in zou moeten vullen horen daar zeker de woorden: VVD, structuur, analytisch, aanjager, verbindend, scherp en toegankelijk. En natuurlijk een biertje op zijn tijd en genieten van eten, gezelligheid.”

 

 

Stap 1: Identiteit

21 februari 2017

Identiteit staat middenin de kern van het 101% IK-model. Omdat een sterk merk authentiek is en trouw aan zichzelf en dus moet passen bij het oorspronkelijke karakter van het merk. Om een succesvol en sterk persoonlijk merk te bouwen, moet ook ik dus op zoek naar mijn identiteit. Dat klinkt enigszins spiritueel of misschien pretentieus. En voor een veertiger ook wel een beetje ‘mid-life’. Maar, het is voor mij niet de eerste keer om na te denken over mijn merkidentiteit. En het merkidentiteitsmodel ken ik goed: ik heb er al veel organisaties en mensen bij begeleid.

Toch is het leuk om dan nog eens de test in het boek te doen. Het is wel een sterk vereenvoudigde versie, maar juist daarom een fijn handvat. Dus zeker niet als absolute waarheid, maar als richtingaanwijzer. De test vraagt je telkens te kiezen tussen twee eigenschappen: welke eigenschap past het best? Soms is dat makkelijk. De keuze tussen ‘Trouw’ en ‘Stipt’ bijvoorbeeld. De meeste mensen die mij kennen zullen beamen dat ik niet zo stipt en wel zo trouw ben. Maar tussen ‘Durf’ en ‘Discipline’ kiezen vind ik al lastiger. Of tussen ‘Onafhankelijk’ en ‘Optimistisch’. In beide keuzemogelijkheden herken ik mezelf.

De test bestaat uit slechts 30 keuzes, dus is zo gemaakt en geeft dan een indicatie van de merkidentiteit. Vereenvoudigd natuurlijk. Mocht ik me helemaal niet herkennen in de uitslag, dan betekent dat niet dat ik een identiteitscrisis heb natuurlijk.

Mijn antwoorden laten het vaakst ‘Leider’ zien. Dus volgens het model zou dat betekenen dat ik meer gedreven word door eigen kracht dan door samen. Dat klopt wel. Het Leiderstype heeft daarnaast geen expliciet extraverte of introverte kant. Dat klopt in mijn geval ook: op zichzelf ben ik heel open en vind het geen probleem op de voorgrond te treden. Maar het hoeft niet, soms zit ik net zo lief bescheiden mee te werken aan een project of activiteit onder leiding van een ander. Alhoewel ik door de jaren heen steeds minder op de achtergrond blijf en me in een (nieuw) team eerder als leider presenteer…

Dat sluit aan op de tweede oefening die bij dit onderwerp past: de levensloop. Het is redelijk makkelijk om hoogtepunten te benoemen. En de verschillen tussen bepaalde periodes ook wel. Een lijn trekken lukt me nog niet goed: dan weer zijn de hellingen te steil, dan weer lijkt het net of die ene periode minder goed was dan een andere, terwijl dat niet zo voelt. Ik laat het dus maar even bij een aantal punten.

 

Wel denk ik na over de conclusies die ik kan trekken op basis van dit stippendiagram. Een aantal Aha-momenten kwamen wel in me op namelijk. Het doet me beseffen dat het altijd goed is om met enige afstand te kijken naar wat ik doe en de keuzes die ik maak. Want als ik er middenin zit, heb ik te weinig overzicht.

 

Mijn conclusies en Aha-momenten:

  1. De hoogtepunten zijn hoogtepunten omdat ze me liefde en/of vriendschap geven.

Aha-momentje voor mezelf: als liefde en vriendschap het hoogste zijn, investeer daar dan ook voldoende tijd en energie in.

  1. Ook bovenin het energieniveau zit het gevoel van teamwerk, connectie maken met mensen en vervolgens dingen voor elkaar krijgen. Resultaten bereiken die (soms te) ambitieus leken en daar samen met anderen keihard aan gewerkt hebben.

Aha-momentje voor mezelf: Blijf ambitieus, ‘connect’: maak anderen deelgenoot van de ambities en mede-eigenaar van de resultaten. Gedeelde trots is immers dubbele trots.

  1. Belangrijke impulsen in mijn energielijn zijn nieuwe ontwikkelingen en uitdagingen. Maar die vind ik ook altijd wel spannend: gaat het lukken, neem ik niet teveel risico’s, durf ik los te laten wat ik heb en kan?

Aha-momentje voor mezelf: er is eigenlijk maar één beslissing in je leven waar je echt spijt van hebt, maar ook dat is weer goed gekomen. Laat lekker los dus.

  1. Het lijnen trekken lukt niet goed: mijn energieniveau kan ik altijd op een hoog peil houden, omdat ik mensen om me heen heb en zoek met wie ik samen de wereld (hoe klein soms ook) een beetje kan verbeteren. Ik wil verschil kunnen maken en daar kan ik altijd energie voor vinden.

Aha-momentje voor mezelf: Werken met andere mensen om de ‘wereld’ een beetje vrijer en liberaler te maken geeft energie.  Dat past bij je ondernemerschap, maar komt wellicht nog beter tot zijn recht in de politiek. Om de wereld van ondernemers, van zorgmedewerkers van betrokken Nederlanders een beetje te helpen verbeteren. Ga ervoor!

 

Een sterk merk is authentiek, maar ook relevant en onderscheidend. De vraag is in hoeverre mijn merkidentiteit dat dan ook moet zijn. En zo ja, in welke context dan?

Dat lijken me goede vragen voor de volgende stappen.

 

Reactie Roel: “Jouw tweede blog over jouw persoonlijke merk is herkenbaar. En Leider als karaktertype is ook zeker een herkenbare uitkomst. Ik denk dat je ook nog een vleug van de expert hebt met jouw discipline, analytisch vermogen en dossierkennis. Zoals jij de levensloop hebt ingevuld, werkt voor jou en is dus goed. Mijn tip is om ook (succesvolle) resultaten in de levensloop te plotten en te analyseren wat jouw rol was daarbij. De aha-momenten zijn een goede manier om inzicht te verwoorden. Zijn er bepaalde prioriteiten daarin van belang voor jou? Dat zie ik nu nog niet zo terug. Succes met de volgende stap.”

Merk-waardige Eigenschappen (stap 2)

24 februari 2017

 

Als je mijn moeder vraagt wat ze een goede eigenschap van mij vindt, zegt ze waarschijnlijk dat ik zo slim kritisch ben en onafhankelijk. Met daar snel achteraan vermeld dat ik wel vaak een beetje fel kan zijn. Te fel bedoelt ze dan. En ze heeft gelijk.

Vraag je het aan een tevreden opdrachtgever, dan noemt die waarschijnlijk dat ik dingen voor elkaar krijg en energie toevoeg in bijeenkomsten en in plannen. En mijn kinderen zullen me lief noemen. En ook wel ambitieus, want te druk in hun perceptie.

In verschillende situaties vallen verschillende eigenschappen op. Omdat ik in verschillende situaties met verschillende mensen te maken heb. Dat geldt waarschijnlijk ook voor de meeste lezers.  Maar een sterk merk heeft geen 28 sterke eigenschappen. In elk geval niet 28 even belangrijke.  Ons boek 101% IK raadt aan om vijf kernkwaliteiten te benoemen, die je als belangrijkste eigenschappen benoemt. Die kunnen mij helpen in mijn persoonlijke ontwikkeling, in het creëren van het gewenste imago en helpen om keuzes te maken in alle volgende stappen.

 

Kernkwaliteiten passen als het goed is bij mijn merkkarakter, in mijn geval Leider (met een vleugje Expert, zou Roel zeggen). En daarnaast helpt het om allergieën en valkuilen te gebruiken bij het kiezen van de vijf eigenschappen uit al die sterke kanten die ik zou willen noemen.

Kiezen blijkt dan nog niet zo makkelijk. Opdrachtgevers daag ik graag uit om echt te kiezen. Maar kiezen is echt mijn zwakke kant. Ambitieus ben ik. Met fanatieke trekjes. Ik heb drijfkracht om dingen voor elkaar te krijgen: een ‘Macher’ zei iemand eens. Wat weer iets anders is dan een doener, denk ik. Enfin, al met al heb ik toch vijf kernkwaliteiten gekozen: 2 functionele, 2 sociaal-emotionele en een stijleigenschap.

Met deze eigenschappen kan ik op twee manieren uit de voeten:

Het kernkwaliteitenmodel helpt me vooral met mezelf verbeteren. De uitdagingen in het model tonen aan waar ik me op kan ontwikkelen. Dat zijn dus niet mijn zwakke kanten, want waarom zou ik die ontwikkelen. Nee, het gaat erom de valkuilen die ik ervaar als schaduwkant van mijn kernkwaliteiten, dat ik die kan voorkomen en op die manier meer gebruik kan maken van mijn kernkwaliteiten.

Als ik nu naar dat ene vakje met de naam uitdaging kijk, dan moet ik wel lachen. Het sluit namelijk aan bij een boek dat ik niet kon laten liggen toen ik het zag bij een grote boekhandel: ‘Do nothing’ heet het (door Keith Murningham). Kennelijk trekt die uitdaging (‘niets doen’) me wel aan, maar niet voldoende, want ik heb het nog niet gelezen.

Met de merktemplate kan ik beter beoordelen of ik aan anderen wel voldoende laat zien wat mijn eigenschappen zijn. Dat kan ik door mijn gedrag, mijn communicatie en mijn berichten te toetsen op deze vijf eigenschappen. De merktemplate werkt dan als een soort richtingaanwijzer.

 

 

 

Bijvoorbeeld mijn persoonlijke website (www.judithtielen.com):

Hoe scoort mijn website op de eigenschap ‘ambitieus’? Is ie misschien te fanatiek of te nonchalant?

Ik beoordeel dat op de uitstraling, de tekst en de foto’s: wat mij betreft voldoende ambitieus door de kleuren en de openingstekst.

En op de eigenschap ‘maker’ dan? Door de korte teksten verzandt-ie in elk geval niet in praten, maar ik mis eigenlijk concrete ‘gemaakte’ resultaten in de tekst. Die stonden er wel in, dus die moet ik misschien maar weer eens terugzetten. De website is wat mij betreft voldoende evenwichtig, al denk ik dat ik het gebruik van de verschillende foto’s nu wat te springerig vind. Over foto’s gesproken; mijn eigenschap (nieuwsgierig) betrokken schiet wel wat te kort op deze site. Gelukkig staan er wel mensen tussen de foto’s, maar hun rol op mijn site is te weinig. Ik zou nieuwe foto’s moeten toevoegen van de momenten dat ik bij mensen over de vloer kom, met ze in gesprek ga. Want dat kan veel beter die eigenschap laten zien.

‘Met een knipoog’ verdient ook wel wat verbetering op deze site. Ik kan me voorstellen dat als mensen deze site voor het eerst zien, nog voor ze mij persoonlijk een hand hebben kunnen schudden, dat ze denken dat ik heel serieus en enigszins zwaar op de hand ben. Ook door de campagnefoto die toch wel serieus is. Kortom, er moet een grapje in… Maar hoe?

Kijk mee: ik nodig de lezers van dit blog van harte uit om met mij mee te kijken en mee te denken en me ook feedback te geven op mijn communicatie-uitingen ten opzichte van de vijf genoemde eigenschappen. Stuur mij een mail met je opmerkingen en tips. Ik kijk ernaar uit!

 

Feedback van merkbegeleider Roel:

Leuk om te lezen! Ik vind dat je al persoonlijk leiderschap laat zien. Aan dat onderwerp hebben we in het boek een apart hoofdstuk gewijd, maar je moet er eigenlijk elke stap in je merkontwikkeling bewust bij stil staan. Dat doe je ook.

En ja, keuzes maken voor anderen is altijd makkelijker dan voor jezelf omdat het misschien als beperkend aanvoelt. Niks is minder waar. Keuzes maken en steeds weer hetzelfde laten zien wordt uiteindelijk makkelijker. Het helpt jezelf, als een soort kompas. Ik herken jouw merktemplate volledig. Ik denk ook dat je deze eigenschappen steeds laat zien. Door dit de komende tijd nog weer wat bewuster te doen vooral in uitingen (in gedrag doe je dit al), wordt het voor anderen nog makkelijker jou ook zo te omschrijven. Dus iets minder nadruk op de vele andere kwaliteiten. ‘Met een knipoog’ staat wellicht weleens op gespannen voet met ‘stevig’ en ‘fel’. Maar dat geef je zelf al aan. Een persoonlijk merk mag ook wel beetje spanning in zich hebben. Denk overigens dat je inderdaad zeer betrokken bent en nieuwsgierig. Jouw karaktertype Leider (met vleugje expert) is wellicht alleen iets introverter en daardoor voor buitenstaanders soms lastiger te voelen. Jouw ambitie dat anderen ook het maximale uit zichzelf halen, kan alleen bereikt worden als die anderen ook het gevoel hebben dat je bij hen betrokken bent. Daarvoor is de knipoog nodig, maar ook het gevoel dat anderen (samen met jou) de ‘maker’ kunnen zijn.

We hebben ons boek 101% IK ook steeds met als leidraad de eigenschappen ‘stevig’ en ‘speels’ geschreven en dat werkte heel goed. Het gaf richting en hield ons bij de les. Jouw persoonlijke site zou je met een leuke quote kunnen larderen of met een foto dat je posters aan het plakken bent of in een buurtmobiel Overvecht onveilig maakt. Daarin laat je zien dat je de handen uit de mouwen steekt, betrokken bent en dingen met een knipoog doet.

 

 

 

 

 

 

Waar is de egel in mij?

8 maart 2017

 

Stap 2a Eigenschappen (101% IK)

Een vriendinnetje van mijn zoon heeft sinds kort een egel als huisdier. Een schattig maar ook letterlijk prikkelbaar diertje. En een beetje saai. Toch speelt de egel een belangrijke rol in het bouwen aan een merk en werken aan een organisatie. Maar waarom? En waarom zou je op zoek gaan naar de egel in jezelf?

De egel is een saai beestje, maar ongelooflijk succesvol. Zeker als je de egel vergelijkt met de vos, volgens een oude Griekse fabel die in het boek van Jim Collins wordt aangehaald. De egel overleeft elke aanval van de vos. Hij gaat namelijk uit van zijn eigen kracht. Jim Collins maakt van het succes van die egel een heel principe: een inzicht. En dat egelprincipe is het derde model van stap 2: eigenschappen. Om echt succesvol te zijn moet je kiezen. En dus is de vraag relevant waar zit de egel eigenlijk in mij?

Succesvolle bedrijven en succesvolle merken danken hun langetermijn succes onder andere aan dat egelprincipe, zo bleek: de overlap tussen de passie van de mensen bij het bedrijf, het talent van de mensen in het bedrijf én de economische motor, ofwel datgene waar het bedrijf zijn geld mee verdient. In  de vorige stap heb ik een aantal goede eigenschappen (talenten) in kaart gebracht en enig inzicht gekregen in mijn passie.

Het vinden van de persoonlijke economische motor is het meest ingewikkeld als je je persoonlijke merk bouwt. Het gaat namelijk uit van een winstratio en heel veel mensen vinden dat winst geen primaire drijfveer zou moeten, of zelfs mogen zijn. Maar in dit model is het ook niet de enige dimensie. Let op: het gaat om de overlap met passie en talent! Bovendien is financieel rendement ook nodig om te kunnen blijven bestaan en te kunnen blijven investeren in vernieuwing bijvoorbeeld. Daarnaast is het mogelijk in je economische motor een ander type rendement te benoemen, als je bezig bent met je persoonlijke merk. Een bijdrage aan de wereld in een andere vorm.

Genoeg aanknopingspunten om me te verdiepen in mijn economische motor. Als ondernemer. Maar mijn persoonlijke merk dat ik nu bouw, is gericht op een publieke functie: Tweede Kamerlid of full-time politica. Dat betekent dat mijn verdienmodel (dat ik bij de volgende stap ga ontwikkelen) niet gericht is op de financiële economie, maar op een andere, politieke economie. De (potentiële) stem van de kiezer in mijn geval. Met andere woorden, de economische motor in mijn egel is gericht op (voorkeurs)stemmen:

[Met die kleine vakjes in het werkboek, denk je al gauw ‘out-of-the-box’….]

 

Ik heb al vaker met ‘egels’ gewerkt en ook aan mijn eigen egel. Vooral toen ik bezig was met mijn adviesbureau: welke egel kies ik voor mijn werk naar klanten en potentiële klanten? De vraag die dus voor me ligt is of mijn passie en talent in mijn ‘politieke egel’ heel anders zijn? Het antwoord blijkt ‘nee’. Ze zijn precies hetzelfde. En eigenlijk is de economische motor dat ook: ik verdiende het meest aan (kritische maar) tevreden opdrachtgevers. Die kwamen en komen steeds weer bij mij terug. Omdat ze ervaren hadden dat ik breng wat ik beloof: praktische acties voor complexe vraagstukken én energie in het betreffende team.

Zou dat heel anders zijn bij (potentiële) kiezers? Ik denk nu van niet. Ook zij willen zien dat je brengt wat je belooft: praktische oplossingen voor complexe vraagstukken én energie bij degenen die de problemen hebben. Zij zijn kritisch, en kunnen als ze tevreden zijn loyale kiezers worden.

Kortom, ik blijf bij mijn egel: laten merken dat ik, met energie, complexe problemen help oplossen met praktische acties, samen met anderen. Dat is overigens niet vóór anderen. Ik neem problemen niet over; niet in mijn adviesbureau en ook niet in de politiek.

Het grootste verschil tussen mijn politieke egel en mijn ondernemersegel is dat ik in de afgelopen paar jaren een stuk of vijftig opdrachtgevers heb gehad, maar  dat ik als politica veelvoud aan opdrachtgevers heb. Immers, in potentie zou ik alle Nederlandse kiezers, en zeker de liberale, moeten kunnen aantrekken. Met andere woorden, de schaalgrootte van mijn potentiële ‘klanten’ is omvangrijker. Is mijn egel in deze vorm voldoende sterk voor de ruim 2600 Utrechters die in 2014 hun stem op mij uitbrachten bij de gemeenteraadsverkiezingen? Of voor de miljoenen potentiële stemmers die mijn naam nu terugvinden op de kieslijst die in hun brievenbus is gevallen?

Het antwoord daarop zal ik moeten vinden in de volgende twee stappen: keuzes en plannen.

Wordt vervolgd dus…

 

Feedback merkbegeleider Roel

Gaaf dat de egel zo verhelderend werkt. Het hoeft niet voor iedereen zo te zijn dat de talenten en passies die je voor het ene werkveld hebt, één op één te gebruiken zijn in een andere markt. Ik vind dat je je in dit blogje er eigenlijk een beetje makkelijk van af hebt gemaakt. We raden in het boek aan om ál je talenten (zeg vijf), passies (ook vijf) en hoe je geld verdient of kan verdienen onder elkaar te zetten en daarna op zoek te gaan naar de overlap. En jij blijft steken op drie…

Jouw egel is overigens wel sterk. Jouw passie mag er nog wel iets meer in doorklinken. En het zal niet makkelijk zijn om na het bedienen van 50 opdrachtgevers, straks meerdere ‘opdrachtgevers’ te bedienen. Gelukkig hoef je dat in een fractie niet alleen te doen. Dat weet je als gemeenteraadslid inmiddels natuurlijk al. Ik vind het zelf een mooi inzicht om te zien dat je talenten, je passies en de economische motor een overlap hebben in de politiek. Maar daar kom je bij de volgende stap vast nog op terug!

 

101% IK: #hoedan?

22 maart 2017

Stap 3 – Keuzes

Keuzes maken. In een van de vorige stappen heb ik al aangegeven dat dat niet mijn sterkste eigenschap is. Des te interessanter van deze derde stap voor mij, is dat ik middenin een transformatieproces zit. Nu ben ik zowel ondernemer als gemeenteraadslid en werk ik aan diverse taken met en voor veel verschillende opdrachtgevers. Maar ik ben nu ook opvolger voor de Tweede Kamerfractie van de VVD en de kans is redelijk aanwezig dat ik over een paar maanden full-time politica ben. Dat maakt me blij (dank aan alle kiezers!). Maar wat betekent dat voor mijn keuzes en mijn merk?

Mijn identiteit en eigenschappen veranderen natuurlijk niet zomaar. Keuzes wel. Maar hoe dan? In ons boek 101% IK bestaat stap 3 uit twee modellen: de gouden cirkel van Simon Sinek en het business model canvas. De gouden cirkel daagt uit om drie hoofdvragen te beantwoorden: waarom, hoe en wat? Dat klinkt heel makkelijk, maar heel veel merken en ook mensen blijven vaak hangen bij de wat-vraag. Het antwoord op de wat-vraag kan bijvoorbeeld zijn welke producten of diensten je aanbiedt of op welke functie je gaat solliciteren. In mijn geval: strategieopdrachten en gemeenteraadswerk. Sinek betoogt dat sterke organisaties handelen vanuit een waarom en dat het hoe en wat vanzelf volgt. Voor sterke persoonlijke merken geldt dat wat ons betreft ook. Dus of ik nou full-time ondernemer of politica ben, dat hoeft geen verschil te maken als het waarom hetzelfde is. Mijn ‘wat’ gaat wel veranderen.

Het waarom is een overtuiging, dus niet alleen een wensbeeld. Mijn antwoord op de waarom-vraag is dat ik geloof in de kracht van het individu. Mijn overtuiging is dat iedereen meer kan dan hij zelf vaak denkt en ik wil er graag aan bijdragen dat mensen dat ook zo ondervinden. De hoe-vraag ligt vaak ook wel in lijn met de eigenschappen: in mijn geval ambitieus, betrokken, ‘maker’, evenwichtig en ‘met een knipoog’. Ofwel mijn antwoord op de hoe-vraag is: stimuleren, uitdagen en ondersteunen van de mensen met wie ik contact heb. Waarbij contact heel breed is wat mij betreft; zeker in de politiek (met ruim 1900 voorkeursstemmen en 2,3 miljoen stemmen op mijn partij vind ik dat ik met al die stemmers enige vorm van contact moet hebben).

Wat ik te bieden heb: stimulerende samenwerking en ondersteunend leiderschap, inhoudelijke en persoonlijke inzichten en uitdagende interacties. Dat is
mijn inzet om straks samen met andere politici beleid en wetgeving vorm te geven om te zorgen dat Nederland een land is waar iedereen toch een beetje meer kan dan-ie dacht.

 

Dit benoemen en kiezen valt me mee. De gouden cirkel is nog steeds wel een papieren exercitie. Het wordt pas spannend als het echt in de praktijk moet komen en daarvoor is de volgende stap: het businessmodelcanvas. Ook op papier, maar al veel concreter.

 

 

 

Te beginnen bij de klantsegmenten: in mijn geval mensen wiens ideeën en keuzes invloed hebben op het leven van anderen. Voor mij zijn dat vooral ondernemers en zorgmensen. Hun keuzes voor zowel het nu als voor de toekomst kunnen anderen en daarmee de samenleving sterk vooruit helpen.

Van daaruit formuleer ik de belofte in mijn propositie: ik kan helpen perspectief concreet te maken en je vervolgens uitdagen en ruimte geven om je ideeën en keuzes meer te laten zien en te doen!

En zo vult mijn businessmodelcanvas zich. De inkomstenstroom is
wat mij betreft zowel het vertrouwen van de klantsegmenten en daarmee voorkeursstemmen, alsook daadwerkelijke output, namelijk moties of voorstellen waar ik een meerderheid voor kan vinden.  Stel ik me zo voor…

 

 

Al deze ideeën, of liever keuzes, opschrijven geeft me inzicht dat ik in mijn rol als politica (of dat nou lokaal of landelijk is) nog wat meer interactieve platforms moet gaan vinden. Enerzijds voor draagvlak en ideeën maar ook en vooral om contact te blijven houden en mensen te kunnen stimuleren. Met LinkedIn heb ik de afgelopen tijd veel contacten versterkt, dat biedt een aardige basis en geeft ook veel input heb ik gemerkt.  Ook de vele werkbezoeken en rondetafelgesprekken die ik de afgelopen weken heb georganiseerd passen bij de mensen en middelen in dit businessmodelcanvas. Maar ik kan me voorstellen dat ik op meer platforms kan aanhaken, zeker als het gaat om ondernemers, zorgmedewerkers en ambtenaren. Dat lijkt me dan ook een goed voornemen om mee te nemen in mijn plannen in stap 4.

Commentaar van merkbegeleider Roel Wolbrink

Allereerst natuurlijk gefeliciteerd met de mooie uitslag. Jij komt er wel. Gaaf. Bovenstaand verhaal is uit het hart geschreven. Vanuit jouw eigen merk en wat is het mooi om te zien dat het nog steeds klopt met jouw merk. Ook weer niet verrassend natuurlijk. De gouden cirkel klopt. Het businessmodelcanvas kan in de loop van de komende maanden nog aangescherpt worden. Het wringt wellicht ook een beetje om niet een bedrijf maar jouw politieke carrière in het canvas te stoppen. Toch klopt het. De kosten en opbrengsten zijn niet in financiële termen gegoten maar in inzet en opbrengsten voor jezelf en het land. De opbrengsten voor jou kun je nog verder specificeren. Wat levert het jou zelf op? Dat zal ook blijken in stap 4 en daarna in de laatste stap van persoonlijk leiderschap. Ik volg het graag. Als merkbegeleider en klankbord. Wordt leuk!

 

 

Met opgerolde mouwen aan de slag! – Stap 4 Plannen

3 april 2017

Inmiddels is mijn verkiezingscampagne afgelopen. Maar wat was het hard werken, veelzijdig en leuk! In deze blog beschrijf ik de campagneplannen die ik heb voorbereid volgens stap 4 in het boek 101%IK: Plannen. De modellen die daarbij zijn gebruikt zijn OGSM en het middelenwiel. Met OGSM (een methodiek met de afkorting van Objective, Goals, Strategies en Measures) werk ik al jaren. Het middelenwiel heb ik een paar jaar geleden zelf ontwikkeld, omdat ik merkte dat het voor veel bedrijven moeilijk is om te begrijpen hoe je kan kiezen tussen alle mogelijke communicatiemiddelen.

Hoeveel OGSMs ik in de afgelopen twintig jaar werken al heb gemaakt en helpen maken, weet ik niet. Misschien wel duizend. Kortom, met dit model werken is voor mij gesneden koek. Maar ik weet dat dat voor de meeste mensen die het model voor de eerste keer zien, niet geldt. In ons boek 101%IK besteden we twaalf pagina’s aan OGSM. Maar heel eerlijk leer je er vooral mee werken als je het model een paar keer gebruikt, bijvoorbeeld samen met een expert.

Mijn campagne-OGSM heb ik opgebouwd door zowel in mijn eentje te mijmeren als samen te sparren met een aantal mensen in mijn omgeving. Bij het brainstormen over de Objective (de ambitie in woorden) bedacht ik dat een campagne niet zozeer alleen gericht moet zijn op de verkiezingsuitslag, maar dat ik die eigenlijk wil zien als een beginpunt naar de periode daarna. Ik voer immers geen campagne om verkiezingen te winnen, maar om als volksvertegenwoordiger succesvol te kunnen zijn. Vandaar dat mijn Objective gaat over een ‘stevige kick-start’. Een goede objective is opgeschreven als ‘Doel door doen’: het ‘doel’ ligt buiten mijn invloedscirkel, het ‘doen’ ligt volledig binnen mijn invloed. Mijn ‘stevige kick-start’ is afhankelijk van kiezers, van de VVD in zijn geheel en ligt dus buiten mijn invloed. Het ‘doen’ in de objective gaat ervan uit dat als ik dat ‘doen’ goed doe, dat dan die ‘kick-start’ als vanzelf het gevolg is. Het ‘doen’ gaat in mijn geval over de inhoudelijke VVD-ambities, over mijn persoonlijke betrokkenheid en over plezier! Ik ben benieuwd of je mijn eigenschappen (stap 2) daarin herkent.

In de Goals wordt de Objective (zowel het ‘doel’ als het ‘doen’) gekwantificeerd. De kick-start heb ik gekwantificeerd in zetelaantal en voorkeursstemmen. Maar ook inhoud, betrokkenheid en plezier hebben een meetgetal gekregen. En nu, drie weken na de verkiezingen kan ik terugkijken en constateren dat ik niet alle Goals heb behaald. Daarmee heb ik vooral het ‘doel’ uit de Objective niet volledig behaald. Het ‘doen’ overigens wel. Dat betekent dat mijn aanname niet volledig klopte. En daar kan ik lering uit trekken voor de OGSM van mijn volgende campagne: kennelijk is er meer nodig óf stond de teller te hoog…

 

Veel kiezers weten dat niet, maar een persoonlijke campagne gaat voor eigen tijd en eigen rekening. Met andere woorden, mijn plan moet zo slim en efficiënt mogelijk bijdragen leiden tot het behalen van de objective. Om die slimme keuzes te maken, zijn er in OGSM de strategieën.

In de strategieën heb ik een vijftal thema’s benoemd waarvan ik denk dat ze nodig zijn om de objective te behalen. Uiteraard hoe ik invulling geef aan mijn verbinding met de VVD, uiteraard eentje over inhoud (gezien mijn merk-identiteit leider met een vleug expert), eentje over mijn netwerk, de ambassadeurs en over communicatie. Social media heb ik als apart thema benoemd. Het is een zo onmisbaar onderdeel van de huidige campagnes (en ik heb er nog zoveel over te leren), dat ik het extra aandacht wilde geven met een strategie. De vijf strategieën geven richting aan die thema’s. Vervolgens zijn per strategie maximaal 3 acties benoemd.

 

Communicatie vormgeven

Het middelenwiel is de uitwerking van de strategie ‘communicatiemiddelen’ en onderdeel van de stap plannen. De kwadranten in dit wiel behoren bij twee assen: over hoeveel investering het communicatiemiddel kost (intensief is veel, efficiënt is weinig) en anderzijds wie de inhoud bepaalt (de afzender (ik) of de doelgroep (de kiezer). Omdat zowel inhoud als persoonlijke betrokkenheid in de kern van mijn campagne staan, wil ik alle vier kwadranten in het middelenwiel vullen. Liefst met de nadruk op de intensieve helft van het wiel. Maar zoals gezegd, ook mijn tijd is beperkt en voor veel kiezers ook. Efficiënt communiceren is dus onderdeel van het geheel. En ik ben nieuwsgierig naar de onderwerpen die de kiezers bezighouden, maar natuurlijk wil ik mij vooral op mijn inhoudelijke speerpunten laten zien. Dus ook die beide kanten zijn nodig. Dus, alle vier kwadranten vullen: zowel informatie als interactie als conversatie als ervaring. En zo ontstaat een overzichtje van de communicatiemiddelen die ik in mijn campagne in wilde zetten en ook gezet heb:

In het midden van het middelenwiel staat de merkidentiteit. Het is goed om die altijd voor ogen te houden, want die moet de bron zijn van alle keuzes én plannen. Om de merkidentiteit staan vijf begrippen. De invulling van die begrippen vormt de huisstijl van mijn persoonlijke merk. Ik heb nog niet alle elementen vormgegeven; die moeten rijpen.

Mijn schrijfstijl en manier van praten, ofwel mijn tone of voice, is redelijk consistent positief en actief. En meestal zit ergens ook de ‘knipoog’.  Mijn kleding kies ik ook bewust: formeel maar niet té, jurken en rokjes en altijd opvallend gekleurde jasjes of vestjes. Nooit rood: ik ben immers geen socialist of sociaal-democraat.

Ook nooit rood in mijn communicatie-uitingen. Wel donkerblauw en paars voor de zakelijke, professionele uitstraling, aangevuld met oranje of pink voor de benodigde ‘knipoog’.  Ik heb nog geen onderscheidende beeldtaal. In elk geval probeer ik foto’s te gebruiken waar de ‘actie’ in zit die je van een politica verwacht. Dus geen sprinttenue of skateboard, maar wel debat, gesprek of momenten over zorg of ondernemerschap, passend bij mijn inhoudelijke onderwerpen.

Er zijn weinig persoonlijke merken met een logo. ‘Linda.’ heeft er één, maar die heeft dan ook een tijdschrift. Vooralsnog denk ik dat ik zonder kan. Mijn persoonlijke merk begint al redelijk vorm te krijgen en de eerste successen en leerpunten zijn er. Tijd om de interactie met anderen aan te gaan. Tijd voor stap 5.

 

 

Reactie merkbegeleider Roel

Gaaf hoor dat je zo veel voorkeursstemmen hebt gekregen: 1928. Misschien minder dan je Goal, maar hé, nog steeds veel.  

De OGSM geeft richting in je keuzes. Ik ben benieuwd naar de OGSM voor je komende vier jaar, als je de Tweede Kamer in gaat.

In het middelenwiel ben je vergeten dat heel veel mensen die met jou gewerkt hebben, al weten wat jij kan en een positieve ervaring hebben. Daar maak je soms al gebruik van. Je stuurde een persoonlijke ansichtkaartje naar mijn ouders: ook dat werkte goed.

Qua kledingkleur doet paars het voor jou goed. Beter dan roze. Bij rood moet je inderdaad om meerdere redenen wegblijven. Je kleedt je vaak al vrouwelijk en dat is goed. Gebruik die kracht met een beetje make-up, de haren los, sieraden en schoenen met een hak. En blijf ook weg bij saaie kleding die iemand met volledige merk-identiteit expert zou kiezen: donkere jasjes en rokjes.

Jouw tone of voice is altijd niet alleen actief en betrokken maar ook stevig en duidelijk. Het kan helpen om iets aaibaars (een allergiewoord voor jou waarschijnlijk) toe te voegen aan je garderobe van de dag zodat je meer benaderbaar wordt beschouwd. Leiders kiezen vaak voor veel contrast. Jij kan daar beter een zachtere heldere kleur aan toevoegen, maar vooral niet te weeïg.  Succes met de volgende stap.

 

 

Schrijven moet je! Stap 5 (interactie)

17 mei 2017

Mijn persoonlijke campagne en het verschijnen van ons boek 101% IKTM vonden beide plaats in het eerste kwartaal van dit jaar. Sinds toen is mijn persoonlijke netwerk enorm gegroeid. Alleen al op LinkedIn steeg het aantal connecties met 10% tot nu 1586 contacten. Ook via andere netwerken ben ik door veel individuen en organisaties benaderd. Het aantal stakeholders, of belanghebbenden, van mijn persoonlijke merk is dus steeds groter geworden.

De meest urgente vraag die mij bezighoudt nu is hoe ik al die personen ook daadwerkelijk betrokken houd. Hoe houd ik bij vanuit welke hoedanigheid ik ze ken, waarvoor ik hun mening of ervaringen wil gaan polsen, wat ik ze wil laten weten als het gaat om mijn politieke en vakmatige vorderingen? In LinkedIn kan ik te weinig kwijt en de vele pogingen om tot een handig Excelbestand te komen hebben tot weinig geleid. Bovendien hebben niet al deze mensen een even groot belang in mijn merk en werk en vice versa.

Tijd om dat eens in kaart te brengen en van daaruit een praktische oplossing te vinden voor een netwerkdatabase…. Hoog tijd voor stap 5 interactie.

Belang-rijk

Imago en vertrouwen zijn twee begrippen die van groot belang zijn voor je persoonlijke merk. Bij sterke merken komt het imago overeen met de identiteit en gewenste uitstraling. Bovendien genieten sterke merken een groot vertrouwen. Interactie draagt bij aan zowel imago als vertrouwen. En zeker persoonlijk contact heeft een groot effect, omdat interpersoonlijke interactie vaak de meeste impact heeft op de ervaring van de ander. Interactie wordt in het boek besproken aan de hand van stakeholdermanagement, het beïnvloedingsmodel en de klantreis.

Stakeholders, een Engelse maar wel beter dekkende term voor belanghebbenden of betrokkenen, zijn alle individuen en vertegenwoordigers van organisaties die een belang hebben bij het merk of waar het merk belang bij heeft. Mensen en groepen mensen waar ik belang in zie zijn bijvoorbeeld:

Belang, daar gaat het om en dat is dan ook de basis voor het stakeholdermanagementmodel: indien het wederzijdse belang van merk en stakeholder groot is, is andere inzet nodig dan als het belang voor beide klein is. Dat ziet er dan zo uit:

In het vak partners staan veel potentiële ambassadeurs van mijn merk, maar ik weet zeker ook in het vak omgeving. Voor alle stakeholders geldt dat contact onderhouden moet worden. Voor de toeschouwers volstaan Facebook en Twitter denk ik, voor de partners is het juist nodig regelmatig samen te zitten. Op die manier wil ik graag dat de ruim 1000 mensen die alleen al in het vak Partners staan, positief praten over mijn persoonlijke merk. Hoe krijg ik ze zover?

 

Invloed op zes manieren

Het beïnvloedingsmodel beschrijft zes manieren waarop je mensen kunt beïnvloeden: sympathie, wederkerigheid, schaarste, autoriteit, consensus en consistentie. Deze pas ik alle toe. Maar ze nog eens op een rijtje zetten, geeft ook weer nieuwe ideeën. Politiek is compromissen sluiten en dus is wederkerigheid een van de in het oog springende beïnvloedingsmethoden. Daarnaast is consistentie er een (ik blijf wie ik ben en was). Voor de kiezers die niet direct sympathie ervaren bij mijn persoon, zijn ook autoriteit (goede kennis op de inhoud van bijvoorbeeld zorg of sociale zaken) en schaarste (laten zien waar mijn achtergrond en inhoud uniek op is) mogelijkheden om op voort te bouwen.

 

Klantreizen in de politiek

De klantreis is voor een politiek persoonlijk merk eigenlijk de grootste uitdaging: het transactiemoment leidt namelijk tot niets. Eigenlijk. Stemmen is anoniem en de kiezer moet maar afwachten wat zijn stem voor effect heeft. Hij krijgt er eigenlijk niets concreets voor terug immers. En voor de ‘leverancier’, het politieke merk is het lastig om service te verlenen als de klant anoniem is en blijft.

Deze bijzondere omstandigheden maken een klantreis voor mijn persoonlijke (politieke) merk nog interessanter. Want wat blijkt: het selectiemoment is meteen het aankoopmoment. Wanneer de transactie plaatsvindt is in sommige gevallen niet eens duidelijk (zoals bij mijn 1928 kiezers die nog even moeten afwachten wanneer ik in de Tweede Kamer zitting neem). En de service duurt denk ik tot en met de oriëntatie voor de volgende verkiezingen over vier jaar.

 

In elk geval levert deze klantreis wat mij betreft een paar concrete voornemens op. Zodra ik de Tweede Kamer in ga, zet ik een politiek blog (of dagboek) op dat ik ga delen met mijn achterban. En ik ga nadenken over een persoonlijke stemwijzer als oriëntatiehulp bij de volgende verkiezingen.

Contact is en blijft het sleutelbegrip in deze stap Interactie. Logisch. Maar voornemens zijn dan niet genoeg. Schrijven moet ik!

 

Reactie persoonlijk merkbegeleider Roel:

“Weer leuk om te lezen. Ik herken de afweging van de stakeholders. Volgens mij die Excelsheet er toch komen of probeer een soort CRM-systeem zodat je je informatie kan richten op specifieke lezers en ontvangers. Zeker bij zo’n groot netwerk als het jouwe, is het wel veel werk. Weet je al hoe je dat voor elkaar krijgt? De beïnvloedingsstrategieën helpen je om na te denken over de toon van je boodschap en ook hoe de ontvanger naar jou en je boodschap kijkt. Als mensen niet ontspannen zijn in jouw omgeving of door de omgeving komt de boodschap niet over. Je hebt in de campagne al wel gemerkt dat mensen niet altijd naar argumenten luisteren. In onze trainingen merk ik dat jij als geen ander voor een veilige en tegelijkertijd uitdagende omgeving kan zorgen; een goede basis om je netwerk te betrekken en dus uit te bouwen.

Nog even over de klantreis: die kun je natuurlijk ook ruimer zien dan alleen de ‘stemvoorkeur’ als transactie of levering. De klantreis is óók het volksvertegenwoordigen zelf en het realiseren van veranderingen voor Nederland. Jouw bijdrage daaraan is net zo goed te beschouwen als een ‘product’: een motie of wet bijvoorbeeld. Kijk op die manier nog eens naar de klantreis voor je stakeholders!”